De gebedsoproep (Adhaan)

De gebedsoproep (Adhaan)

De adhaan dient om de mensen op te roepen tot het gebed en geeft aan dat de tijd voor het verplichte gebed begint. Een andere oproep, genaamd iqama, dient om de moslims op te roepen om zich in rijen op te stellen voor het begin van de verplichte gebeden.

Moslims kwamen vroeger bijeen en probeerden te weten te komen hoe laat de tijd voor het gebed was, maar niemand riep hen op. Op een dag waren ze aan het discussiëren hoe ze iedereen bijeen konden krijgen voor het gebed. Sommigen stelden voor om een bel te gebruiken zoals de christenen. Andere stelden voor om een ramshoorn te gebruiken en zo een oud joods gebruik te volgen. Toen stelde ‘Umar ibn al Khattaab t, een van de metgezellen van de Profeet r, voor om iemand aan te wijzen die de mensen zou oproepen tot het gebed. De Profeet ging akkoord, draaide zich om naar Bilal t en zei: “Sta op, Bilal, en roep de mensen op tot het gebed.” (Sahieh al Bukhari: 579 en Sahieh Muslim:377)

Het verrichten van de adhaan en de iqama

  • Zowel de adhaan als de iqama dienen verricht te worden wanneer er een groep mensen (een gemeenschap) is, maar niet als het om een enkel individu gaat. Als een gemeenschap het opzettelijk nalaat, is hun gebed nog steeds geldig, maar zullen zij als zondaren worden beschouwd.
  • De adhaan dient luid verricht te worden met een prettige en luide stem zodat de mensen het kunnen horen en naar de moskee komen om het gezamenlijk gebed te verrichten.
  • De adhaan heeft verschillende formuleringen, allen goedgekeurd door de Profeet r. Dit is de meest gebruikelijke:

De Adhaan

  1. Allahoe Akbar: “Allah is de Grootste.” (4x)
  2. Ashhadoe an laa ilaha illallaah: “Ik getuig dat er niets of niemand het waard is om aanbeden te worden behalve Allah.” (2x)
  3. Ashhadoe anna Mohammadan rasoeloellah: “Ik getuig dat Mohammed Zijn boodschapper is.” (2x)
  4. Hayya ‘alassalaah: “Kom tot het gebed.” (2x)
  5. Hayya ‘alalfalaah: “Kom tot het succes.” (2x)
  6. Allahoe Akbar: “Allah is de Grootste.” (2x)
  7. Laa ilaha illallaah: “Niets of niemand het waard is om aanbeden te worden behalve Allah.” (1x)

De iqama

  1. Allahoe Akbar, Allahoe Akbar: “Allah is de Grootste, Allah is de Grootste.”
  2. Ashhadoe an laa ilaha illallaah: “Ik getuig dat er Niets of niemand is het waard om aanbeden te worden behalve Allah.”
  3. Ashhadoe anna Mohammadan rasoeloellah: “Ik getuig dat Mohammed Zijn boodschapper is.”
  4. Hayya ‘alassalaah: “Kom tot het gebed.”
  5. Hayya ‘alalfalaah: “Kom tot het succes.”
  6. Qad qaamatis-salaatoe, qad qaamatis-salaah: “Het gebed staat op het punt te beginnen, het gebed staat op het punt te beginnen.”
  7. Allahoe Akbar, Allahoe Akbar: “Allah is de Grootste, Allah is de Grootste.”
  8. Laa ilaha illallaah: “Niets of niemand is het waard om aanbeden te worden behalve Allah.”

De adhaan beantwoorden

Het is aanbevolen om elke regel van de adhaan die je hoort van de moe’adhdhin (de oproeper tot het gebed) exact na te zeggen, behalve wanneer hij zegt: hayya ‘alassalaah (kom tot het gebed) of hayya ‘alalfalaah (kom tot het succes). Dan dien je het volgende te zeggen: laa hawla wa laa qoewwata illa billaah (‘er is macht noch kracht behalve bij Allah’).

Het is aanbevolen om vervolgens de volgende smeekbede uit te spreken na de adhaan: Allahoema rabba haadhih-id-da’wat-it-taammati, wassalaat il-qaa’imati, aati Mohammedan-il-wassielata wal fadielata, wab’athoe maqaaman mahmoedan alladhie wa’adtah. (O Allah! Heer van deze perfecte oproep en dit gevestigde gebed, schenk Mohammed de voorspraak en gunst; en verhef hem tot de prijzenswaardige standplaats die U hem heeft beloofd.)